Over leven in een pastorie

…van een vrouw die haar handen vol heeft…

Water dat verfrist en reinigt

Je draait de kraan open en laat het water in de pan stromen. Net zolang tot de aardappels onder water staan. En terwijl de aardappels op het vuur staan, haal je het loof van de wortels en je draait de kraan weer open om de grond van de wortels te spoelen. Je denkt er niet eens bij na – natuurlijk komt er water uit de kraan. Zo gaat dat in Nederland: er is water als jíj dat wilt. Of je nu thee wilt zetten of de wc wilt doortrekken, of je nou twee keer op een dag wilt douchen of elke dag een was moet draaien.

***

Je slikt nog een keer en voelt de droogte in je mond. Met de rug van je hand veeg je zweet van je voorhoofd en je slaat die irritante vlieg die rond je rond je hoofd zoemt weg. Je loopt voor de tweede keer die dag richting de waterput. Het stof van de weg stuift in wolkjes omhoog waar jij je voeten zet, je ziet hoe het laagje vuil op je voeten met elke stap dikker wordt. Je tuurt in de verte – je bent niet de enige die water moet halen: rondom de put heeft zich een groepje mensen met jerrycans verzameld. Je hoofd draait naar links – het lijkt wel een luchtspiegeling, maar daar in de verte is het groen. Daar is de bedrijvigheid. Daar is stromend water. Daar groeit de soja. Daar groeit de katoen. Daar groeit de suikerriet. Daar is het leven. Maar het is niet voor jou.

Je weet het wel. Wat er nog aan vruchtbare grond is, is opgekocht door rijke ontwikkelaars. Wat er nog aan water is in de streek, wordt gebruikt door diezelfde ontwikkelaars. Ze pakken af wat jij nodig hebt. En waarom? Om die ander ver weg een leven in overvloed te kunnen geven. Je kent de verhalen en je kan er alleen maar van dromen. Van een kraan met water wanneer jij dorst hebt. Van een kraan met water om je bezwete, stoffige lijf mee te kunnen wassen.

***

Je stapt de kamer binnen. Erg bijzonder ziet het er niet uit. Niemand die jou en de anderen ontvangt, geen medewerker die je even wat water geeft. Jammer. Je had het wel kunnen gebruiken. En de anderen ook. Even je vermoeide voeten afkoelen. Even het zand van de weg tussen je tenen vandaan spoelen. Eigenlijk had dat wel zo fris geweest. Nou ja, je denkt er verder niet over na en gaat zitten. Je vouwt je benen onder je en je praat weer mee met de anderen.

De sfeer is gespannen. Je kijkt naar Jezus en je ziet de strakke trekken in zijn gezicht. Je ziet een mengeling van verdriet en angst, maar zijn ogen zijn onmiskenbaar de ogen die je liefdevol aankijken.

Eén van je vrienden geeft je het brood aan. Je breekt er een stuk vanaf. Je eet, je praat, je drinkt. Alsof er niks aan de hand is. Alsof jullie gewoon een groep vrienden zijn die met elkaar het feest van de bevrijding viert. Maar zo voelt het niet. Zo is het niet. Jezus is niet zo maar een vriend. Dit is niet een feest als alle andere feesten. Je merkt het niet alleen aan Jezus. Je ziet dat er nog één gespannen is. Er zit een verbeten trek rond zijn mond. En ook al zit hij in de kring – hij lijkt in zichzelf teruggetrokken.

Je wilt het feest van de bevrijding vieren, maar het feestgevoel wil maar niet komen…

Ineens zie je wat in je ooghoek gebeuren. Jezus staat op. Zijn ze nu al klaar? Je slikt net een slok wijn door, hebt nog een stuk brood in je hand. Jezus staat op. Verbaasd kijk je hem aan als hij zijn bovenkleed afdoet – alle waardigheid legt hij af, met die doek om zijn middel ziet hij eruit als een slaaf! Sprakeloos registreer je zijn bewegingen, je ziet hem terugkomen met een schaal met water. Hij knielt in de kring neer en begint voeten te wassen.

Je bent niet de enige die Jezus verrast. Petrus begrijpt er ook niets van. En het wordt er ook niet duidelijker op als Jezus zegt dat dit nodig is om bij hem te kunnen horen. Hè, denk je bij jezelf. Hoezo is dit nodig? Meent hij dat nou dat ik anders niet bij hem kan horen? Maar hoe zit dat dan met al die andere mensen? Al die mensen die we in de afgelopen maanden, jaren, tegengekomen zijn – hadden we die dan niet ook de voeten moeten wassen?

‘Begrijpen jullie wat ik gedaan heb?’ zegt Jezus. En je voelt je heel dom, maar nee, je snapt het eigenlijk niet echt. Zo goed ken je Jezus inmiddels wel. Hij doet nooit zo maar iets… Ja, natuurlijk bedoelt Jezus dat jullie goed voor elkaar moeten zorgen, dat je je nooit te goed, te veel, te belangrijk moet voelen… Maar is dat het dan?

Later zul je ontdekken dat er twee lessen in deze handeling van Jezus zitten. Het is niet alleen de nederigheid die hij als voorbeeld geeft. Maar het is ook de handeling van het wassen. Later zul je begrijpen dat het schoonmaken van de voeten symbool staat voor het reinigen van ons leven.

Je voeten die dag in dag uit door het stof van de aarde sloffen – ze staan symbool voor jouw leven in de modder van deze wereld. Het vuil op je voeten als symbool voor het vieze, het kwade, het donkere op jouw ziel.

Later zul je inzien dat je pas bij Jezus kunt horen als je schoongewassen bent, gereinigd. ‘Gedoopt in Jezus’ dood’ zal één van je collega’s straks schrijven. Je zult het snappen en je zult ervan getuigen, je zult het anderen vertellen: laat je onderdompelen in Jezus’ dood – alleen zo zul je het leven vinden.

***

Je hebt horen vertellen dat er eens een man was bij een waterput die zei: ‘Iedereen die water uit deze put drinkt, zal weer dorst krijgen. Maar als je drinkt van het water dat ik geef, krijg je nooit meer dorst. Want het water dat ik geef, blijft altijd in je. Het geeft je het eeuwige leven.’ En terwijl jij je jerrycan vult met water verlang je intens die man te kennen.

***

Je staat je vlees te braden en verheugt je op dat malse stuk rund. Je staat er vast niet bij stil hoeveel water ervoor nodig is voordat jij van je rundvlees kunt genieten. Je kunt je niet overal mee bezighouden. Want wat kan jij er nou aan doen dat er meer dan 10.000 liter water nodig is om jouw gezin van een stuk rundvlees bij het avondeten te voorzien? Er is al zoveel ellende dat jou bezighoudt, moet je je nu ook nog druk maken over de droogte bij anderen, omdat al het water gebruikt wordt om veevoer te kunnen maken?

Je zit aan tafel en dankt God voor je eten. En je herinnert je de woorden van zijn Zoon: ‘Dit is mijn lichaam voor jou…’ Jezus die zijn leven geeft voor een ander en wat doe jij? Je pakt en grijpt en graait.

***

Wie jij ook bent – je bent welkom aan zijn tafel.
Je mag bij hem horen. Je mag met hem leven.
Schoongewassen door zijn dood…
…met het water dat leven geeft verfrist…
…zo met hem verbonden…

Witte Donderdag - bloemschikking

Bij Johannes 13 – Gereformeerde Kerk Ottoland, Witte Donderdag 24 maart 2016

w

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: